OptionalareaOverschrijft de standaardweergave van oppervlaktelabels bij het tekenen van polygonen.
Oppervlakte in m².
Weer te geven tekst voor het oppervlaktelabel.
OptionalcenterActiveert tekenen via het middelpunt van de kaart in plaats van met de muis of touch-events.
OptionalmaxHet maximale aantal punten van het object. Bij het bereiken van het maximum wordt de tekening automatisch afgerond.
OptionalshowToont de oppervlakte van het polygoon tijdens en na het tekenen.
OptionalshowToont de lengte van elk afzonderlijk segment tijdens en na het tekenen.
OptionalshowToont de totale lengte van alle segmenten samen tijdens en na het tekenen.
OptionaltraceSchakelt trace-functionaliteit in tijdens het tekenen.
Wanneer deze optie op true staat, kan de gebruiker
bestaande geometrieën volgen (tracen) tijdens het tekenen
van een nieuwe feature. Dit is handig om nieuwe geometrieën
nauwkeurig uit te lijnen met bestaande objecten.
OptionaltraceDe snapping-tolerantie (in pixels) bij tracing.
OptionaltraceDe ID van de vector source die gebruikt wordt voor tracing.
Wanneer tracing is ingeschakeld (trace: true), bepaalt deze
optie welke bron de features bevat die gevolgd kunnen worden
tijdens het tekenen.
OptionalvalidatorsEen array van validatiefuncties die het getekende object controleren.
Opties voor het configureren van een tekeninteractie. Wordt meegegeven aan
startDraw,startModifyenstartMove.Een aantal opties kan ook achteraf voor reeds afgeronde tekeningen worden toegepast via
resetDrawStyle:showSegmentLength,showTotalLength,showArea,areaM2ToTextFunctionenvalidators.